Vandaag lanceren Housing First Nederland en woningcorporatie Portaal met steun van de Rijksoverheid de Startmotor Wonen Eerst Jongeren. Hierbij spreken vijf Nederlandse steden - Nijmegen, Arnhem, Amersfoort, Utrecht en Leiden - de gezamenlijke ambitie uit om (dreigend) dakloze jongeren versneld aan een eigen, stabiele woonplek te helpen. Het doel is om Wonen Eerst uit te laten groeien tot de landelijke norm.

Wethouder Paul Smeulders (Arnhem): “Jongerendakloosheid lossen we niet op zolang jongeren geen stabiele plek hebben om hun leven op te bouwen. Daarom kiezen we in Arnhem met Wonen Eerst bewust voor wonen als basis.”

Van onzichtbaar probleem naar directe oplossing

De noodzaak voor deze nieuwe aanpak is hoog. Maar liefst een op de vijf dak- en thuisloze mensen in Nederland is een jongere tussen de 18 en 27 jaar. Vaak is deze groep onzichtbaar: tienduizenden jongeren verblijven noodgedwongen op wisselende plekken bij bekenden, of in een schuur, auto of vakantiepark. In het huidige systeem maken zij nagenoeg geen kans op een reguliere sociale huurwoning. Hierdoor stapelen problemen zich op en moeten jongeren eerst een lang zorgtraject doorlopen voordat ze in aanmerking komen voor een structurele oplossing.

De initiatiefnemers van de Startmotor Wonen Eerst Jongeren draaien het systeem om: eerst een vaste woning, daarna ondersteuning waar nodig. “Door direct te huisvesten en afspraken te maken over voldoende inkomen en ondersteuning, geven we deze generatie een eerlijke kans”, zegt Anke Jansen, directeur-bestuurder van Housing First Nederland. “Jongeren krijgen een sleutel en er is iemand die een reikende hand biedt waar dat nodig is. Een eigen stabiele plek is een voorwaarde voor ontwikkeling en deelname aan de samenleving. Juist wanneer je uit een kwetsbare situatie komt en geen ouders of verzorgers hebt om op terug te vallen.”

80% redt zich met lichte ondersteuning 

Dat deze omslag in de praktijk werkt en leed voorkomt, blijkt bijvoorbeeld uit de eerste stappen in koploperstad Nijmegen. Daar stellen corporaties voortaan 50 woningen per jaar met voorrang beschikbaar voor (dreigend) dakloze jongeren. De verwachting is dat 80% van deze jongeren zich door vroege huisvesting al met lichte ondersteuning goed redt. Dit voorkomt dat problemen escaleren en zij in zware, dure zorgtrajecten belanden.

Sander Heinsman, bestuurder bij woningcorporatie Portaal, is stellig over de veranderende rol van corporaties: “Wij durven als volkshuisvester te zeggen: mensen zonder dak gaan vóór mensen met een dak. Dat is niet hard, dat is eerlijk. Dakloosheid is geen natuurverschijnsel, maar een beleidskeuze. Zo werken we aan een stelsel van volkshuisvesting dat werkt voor díe mensen die dat het hardste nodig hebben.”

Nog vijf steden gezocht 

De landelijke opschaling wordt gefaciliteerd door de ministeries van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK), Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) en Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) in het kader van het Nationaal Actieplan Dakloosheid: Eerst een Thuis. Chris Kuijpers, directeur-generaal Volkshuisvesting en Bouwen, is als ambassadeur bij de lancering aanwezig.

Om landelijk écht een systeemverandering teweeg te brengen, roepen de initiatiefnemers andere gemeenten op om zich aan te sluiten. Er is plek en impulsfinanciering beschikbaar om de Startmotor in nog vijf extra steden te implementeren. Jansen: “Mensen hoeven straks niet meer met hun ziel onder de arm van loket naar loket. We nodigen gemeenten in het hele land uit om zich aan te sluiten.”

Gemeenten die interesse hebben in deelname kunnen zich vanaf vandaag aanmelden voor de Startmotor via de website van Housing First Nederland.